Vintage in the old fashion way


We geraakten aan de klap op het perron. Het hoedje stond haar beeldig. We praatten door op de trein en in enkele minuten vonden we dingen die ons beiden raakten en dingen die verschilden in ons leven. We wonen deeltijds in dezelfde badstad, we zijn bijna-leeftijdsgenoten. Ze vertelde dat haar schoondochtertje altijd goed gekleed liep en ze haar kleren tweedehands of in een kringwinkel kocht, net als mijn jongste dochter. Ze had het er moeilijk mee, ze zou dat niet direct doen. Maar wij vonden beiden van onze smaakvolle volgende generatie dat ze er beeldig uitzagen, origineel, ze pasten in de boekjes, kwamen precies uit een doosje en ze zijn een voorbeeld voor reportages over ‘streetfashion’.

Zo zijn vrouwen, we praten met wildvreemden maar vinden onszelf er steeds in terug.  

Nu komen de vintagewinkels en outletshops als paddenstoelen uit de grond. In mijn buurt verkoopt een jonge onderneemster (www.david-dupont.com) tweedehands handtassen van Delvaux. Voor een nieuwe moet een normaal-verdiener heel lang sparen. Voor een tweedehandse is dat eigenlijk ook nog lang. Wij gaan er al eens binnen voor een heerlijke koffie op zaterdagvoormiddag. De rest volgt misschien.  

Tweedehandsstukken hebben een geschiedenis en veel goedkoper, ook dat is ecologisch. Zo kocht ik een gouden ring met een steen die mij geweldig aantrok, een topaas. De ring droeg ik intussen slechts heel sporadisch, hij trekt mij niet meer aan. Zo sterk als de ring mij aantrok toen hij in de vitrine lag, zo sterk is mijn afkeer nu. En ik weet niet waarom. Misschien hangt er net bloedstollend, spannend en intrigerend verhaal aan vast dat mij heel veel onrust geeft. Ik sta voor alles open, kan iemand mij dat verhaal vertellen?

Terug naar onze dochters. Onze jongste dochter en haar vriendinnen kopen vaak vintage. Dat doen ze niet alleen uit ecologisch standpunt maar ook gewoon omdat ze tussen de massa kleren een ruime keuze hebben, hun creativiteit kunnen botvieren om uiteindelijk op een zeer persoonlijke manier gekleed te zijn. Designers gaan op de straat kijken hoe de jeugd en andere vooruitstrevende creatieveling gekleed lopen, als inspiratie voor hun collecties.

Zo zie ik mijn dochter vaak, wow, echt wow gekleed. Ze combineert op een originele manier en vooral smaakvol. Omdat ze haar hele leven al geïnteresseerd is in schoonheid raadde ik haar zelfs aan om iets te doen in de modesector. Ze is daar nooit echt positief over geweest. Naaien zei haar niets, ook al leerde ik het haar en de overcommercialisering van de modewereld houdt haar op een afstand. Maar wat niet is, kan komen.

Dat ze niet gekleed wil gaan zoals al de anderen, dat kleding meer moet zijn dan winkelen, geld uitgeven en dragen, kan ik heel goed begrijpen. Want dat is net wat ik ook deed op die leeftijd maar dan op een iets andere manier.  

Ik was wel geïnteresseerd in die naaimachine. Ik wachtte het moment af tot mijn moeder weg was om het stikken te oefenen. Van kindsbeen af. Heel jong naaide ik mijn kleren zelf, of ik deed een poging. Mijn mama kon goed naaien en ik wou dat ook kunnen. Ik ging windowshoppen voor een leuk patroontje, tekende het in de mate van het mogelijke na en ging naar de stoffenwinkel om nadien het stofje te verwerken tot iets eigens. Het is magisch om uit een doek een draagbaar kleedje te maken Als ik een vintagewinkel bezoek met mijn dochter, zie ik ook onmiddellijk waar een kleedje met weinig naaiwerk ingekort of aangepast kan worden. Maar zelfs dat zet haar niet aan om zelf te naaien.

En in deze vergaderluwe krokusvakantie nam ik mijn oude liefde terug op, na jaren. Ik naaide een boord aan een kleedje dat te kort was voor mijn leeftijd en lichaamsbouw. Het lukte en het smaakte naar meer. In mijn boekenkast zocht ik naar een passend patroon en in mijn stoffenkast een oud stofje. Patroonboeken en stofjes ben ik blijven verzamelen, ook in mijn naailuwe periode. Gewoon in de hoop dat de goesting om te naaien terug zou komen.  

Het is bijna zo ver, mijn kleedje is bijna af. Nog een paar finishing touches en hopelijk kan ik het volgende week met veel trots dragen.

Ik voel mij verwant met mijn dochter. Niemand maar dan ook niemand heeft een kleedje in mijn patroon met die stof. Het is een pièce unique, een beetje vintage in the old fashion way.